WORG bepaling schadevergoeding
- 2 dagen geleden
- 3 minuten om te lezen
In een arrest van 19/12/24 verwerpt het Grondwettelijk Hof een beroep tegen de nieuwe regels over planschade. Daardoor blijft het principe overeind dat een overheid die de bestemming van gronden wijzigt, eigenaars volledig moet vergoeden voor een waardevermindering. Het Hof creëert op die manier duidelijkheid voor eigenaars en overheden.
Waardevermindering door een bouwverbod
De regeling blijft behoorlijk technisch. Met een voorbeeld is het eenvoudig uit te leggen wat er precies verandert. Stel dat je eigenaar bent van een stuk bouwgrond waarvan de overheid vindt dat het niet wenselijk is dat er in de toekomst op gebouwd wordt. De overheid kan de bestemming van dat perceel wijzigen, bijvoorbeeld naar een landbouwbestemming of bosgebied. Voor eigenaar vermindert daardoor de waarde van je grond. Daar hoort een vergoeding bij. Die vergoeding is planschade.
Planschade: van oud naar nieuw
In het verleden dekte die vergoeding de schade niet. In veel gevallen kon je geen planschade krijgen, bijvoorbeeld omdat je grond niet dicht genoeg bij een uitgeruste weg lag. In andere gevallen bleef de vergoeding erg laag. Zo kon je maximaal op een vergoeding van 80% rekenen. De waardevermindering werd bovendien berekend op een manier die ongunstig was voor eigenaars die al erg lang de grond in hun bezit hadden.
De nieuwe regeling mikt op een faire vergoeding die het reële waardeverlies zo goed mogelijk compenseert. Het doel is een volledige vergoeding, al blijft het uitkijken hoe de nieuwe regels in de praktijk zullen werken. De berekening houdt rekening met tal van factoren zoals bijvoorbeeld de verwervingswaarde, de ligging en de overstromingsrisico’s.
Milieuverenigingen naar het Grondwettelijk Hof
Die laatste regeling blijft nu dus overeind. Het Grondwettelijk Hof heeft de argumenten van verschillende milieuverenigingen tegen de nieuwe regels verworpen.
Het blijft nog steeds uitkijken naar de concrete toepassing van de nieuwe regels. Daarnaast heb je er als eigenaar van gronden alle belang bij om goed geïnformeerd te blijven over de plannen die overheden maken en over de compensaties die daarbij horen.
De gestandaardiseerde waarderingsmethode die sinds 8 mei 2026 van kracht is, deelt percelen in op basis van een vaste set primaire waardebepalende factoren. [1, 2, 3]
De Landcommissies hanteren de volgende objectieve perceelkenmerken om de actuele marktwaarde te berekenen: [1]
De stedenbouwkundige bestemming: Wat was de exacte bestemming van het perceel (bijvoorbeeld woongebied, industrie- of kmo-zone) vlak vóór de herbestemming of gebruiksbeperking inging? [1, 2]
De ligging aan een voldoende uitgeruste weg: Ligt de grond direct aan een openbare weg die voorzien is van de nodige basisnutsvoorzieningen (zoals water en elektriciteit)? Dit bepaalt de directe bebouwbaarheid en weegt zeer zwaar door. [1, 2, 3]
De overstromingsgevoeligheid: Ligt het perceel in een effectief of signaalgebied voor overstromingen? Gronden met een hoog overstromingsrisico krijgen automatisch een lagere referentiewaarde. [, 2]
De feitelijke ontwikkelingsmogelijkheden: Kan er op basis van de vorm, bodemgesteldheid en lokale voorschriften ook daadwerkelijk (technisch) gebouwd worden? [, 2]
De totale oppervlakte en de diepte: Hoe groot is het perceel? Let op: bij woongebieden telt de diepte extra mee, aangezien de regelgeving planschade vaak begrenst tot de eerste 50 meter vanaf de rooilijn. [1, 2, 3]
De exacte geografische ligging: De algemene regio- en buurtwaarde waarin het perceel zich bevindt. [1]
Aanwezige constructies of opstanden: Staan er al gebouwen, funderingen of specifieke beplantingen op de grond die invloed hebben op de waarde? [1]
Hoe werkt dit in de praktijk?
De Landcommissie start vanuit een ideale referentieprijs voor gronden in die regio (alsof het perceel perfect gelegen, direct bebouwbaar en niet overstromingsgevoelig is). Vervolgens passen zij minpunten of correcties toe op basis van de bovenstaande feitelijke kenmerken van uw specifieke perceel. [, 2]
Wilt u dat we nagaan welke van deze kenmerken specifiek op uw kadastrale perceel van toepassing zijn, of wilt u weten of u nog aanmerking komt voor de indieningstermijn van september 2026? [1]




Opmerkingen